Pubers en seksualiteit | Zouden ze 'het' al doen ?

Praten over seksualiteit is iets dat zowel ouders al pubers over het algemeen liever maar vermijden. Toch is het wel een belangrijk onderwerp.

Zouden ze 'het' al doen?

Drs. Tamar de Vos - van der Hoeven - mei 2006

Iedere ouder met een puber vraagt het zich vroeger of later af, hoever is mijn kind in zijn of haar seksuele ontwikkeling. Voor de ene ouder zal dit duidelijker zijn dan voor de andere ouder. De ene ouder weet bijvoorbeeld dat het kind dolgraag een vriendje wil maar deze nog niet heeft en een volgende ouder heeft zelf toestemming geven aan de vriendin van haar zoon om te blijven slapen en kan dus wel raden wat er achter gesloten deuren gebeurt. Maar heel veel ouders twijfelen aan hoe ver hun kind is en weten niet of hun kind al toe is aan seks of enkel nog wat zoent. En dit maakt het voor veel ouders een moeilijk onderwerp om ter sprake te brengen. Vooral ook omdat de meeste pubers in eerste instantie niet echt staan te springen om een gesprek over seksualiteit met hun ouders. Toch is het wel belangrijk om als ouder te praten met je puber over de seksuele ontwikkeling en alles dat hier bij komt kijken.

De ontwikkeling in de puberteit

Meisjes raken over het algemeen bekeken eerder lichamelijk in de puberteit dan jongens. De eerste drie tot vier jaar van de puberteit maakt een jongere een enorm lichamelijke groei door en bereikt biologisch gezien de volwassenheid. De nadruk moet hierbij gelegd worden op biologisch omdat de meeste pubers op dat moment sociaal emotioneel gezien helemaal nog niet volwassen zijn.
Zo'n anderhalf jaar na het inzetten van de groeispurt bij meisjes vindt meestal de eerste menstruatie plaats. Meisjes zijn dan gemiddeld zo'n 12,5/ 13 jaar oud. Al komt het ook regelmatig voor dat een meisje van net 11 al ongesteld wordt en er zijn ook genoeg meisjes die op hun 16de (vaak tot hun eigen frustratie) nog niet ongesteld zijn geworden.
Bij jongens zien we dat ongeveer twee jaar na het inzetten van de groeispurt de eerste ejaculatie plaats vindt.

In de puberteit zien we ook regelmatig dat jongeren zich gaan schamen voor hun lichaam en niet graag bloot gezien willen worden, maar ook liever de ouders niet meer bloot zien. De jongeren zoeken de privacy om eerst zelf aan hun veranderende lijf te wennen voordat zij dit durven te laten zien aan anderen. Het is goed hier rekening mee te houden en dit te respecteren. Door te respecteren dat de jongere liever niet meer bloot wil zijn in de aanwezigheid van de ouders, krijgt de jongere de boodschap dat hij of zij zelf beslist over zijn of haar eigen lijf (je lichaam is van jou en niet van een ander) en dat een ieder dit moet respecteren.

Verliefdheid kan ook heel hevig toeslaan in de puberteit. Een puber kan enorm in beslag genomen worden door een verliefdheid. Verliefd zijn is ook een manier om veel te ontdekken over jezelf en anderen. Het is belangrijk dat ouders deze verliefdheid serieus nemen (ook al hebben ze zelf zo hun twijfels) en aangeven naar het kind toe dat ze open staan voor een gesprek, maar het ook te respecteren wanneer het kind liever niet wil praten. Op deze manier wordt de jongeren in zijn / haar waarde gelaten.

Gemiddeld zit er tussen de eerste zoen en de eerste keer dat een jongere gemeenschap heeft 3 tot 4 jaar. De helft van de 16/ 17 jarige heeft seksueel contact gehad. Helaas blijkt een kwart van deze jongeren toch nog onbeschermde seks gehad te hebben.
Veel pubers wachten met hun eerste keer tot ze een relatie hebben, maar sommige jongeren willen het op een gegeven moment gewoon proberen en wachten niet op deze relatie.

Praten over seks

Het onderwerp seksualiteit wordt steeds opener bespreekbaar en jongeren komen heel veel met seksualiteit in aanraking in hun dagelijks leven (voorlichting op school, tv, muziek, tijdschriften, leeftijdgenoten etcetera). Jongeren weten hierdoor vaak op jongere leeftijd al meer, wat bij ouders het gevoel kan doen ontstaan dat het kind alles al weet en er dus eigenlijk niets meer vertelt hoeft te worden. Maar niets is minder waar. Het beeld dat pubers uit hun omgeving (vooral van leeftijdgenoten) krijgen kan namelijk helemaal verkeerd zijn, . Daarbij is de informatie die jongeren krijgen vaak ook erg eenzijdig en zorgt enkel voor een hoop vragen bij pubers, vragen die ze niet graag aan hun ouders stellen, maar wel graag beantwoord willen zien. Pubers zijn net als jonge kinderen heel nieuwsgierig, maar het jonge kind vraagt gewoon wat het wil weten, terwijl de puber dit soort vragen liever niet aan de ouders voorlegt. Vaak ook weten pubers de feiten wel zo'n beetje maar zitten ze nog wel met een hoop vragen over hoe dingen voelen en hoe dingen dan moeten. Dit leidt tot grote onzekerheid.

Het praten met een puber over seksualiteit kan dan ook een hele opgave zijn omdat zowel de ouders als de puber er wat tegen op kunnen zien. De ouders vragen zich af wat ze wel en niet moeten vertellen en wat hun kind al weet. En de puber vraagt zich af wat hij/ zij wel of niet wil vragen en vooral ook moet toegeven al te weten. De beste methode is dan ook niet eens goed te gaan zitten voor een gesprek, maar gewoon terloops over dit onderwerp te praten wanneer hier een opening voor lijkt te zijn. Zo kan de eerste menstruatie of ejaculatie een goed aanknopingspunt zijn om het kind wat informatie te geven over seksualiteit. Al is het voor het kind toch wel heel prettig wanneer het kind ook op deze gebeurtenissen al is voorbereid want van de eerste menstruatie of ejaculatie kan een puber best schrikken. Vooral ook omdat dat juist zaken zijn waar niet zoveel onder leeftijdgenoten over gepraat wordt.

De grotere openheid over seksualiteit zorgt ook voor meer zorgen en vragen bij ouders, want hoe stel je regels in een maatschappij waar een jongere heel veel met seksualiteit in aanraking kan komen. Terwijl regels wel heel belangrijk zijn om een jongere goed te begeleiden bij zijn of haar seksuele ontwikkeling. Er moet dan gedacht worden aan regels als: wachten tot je er zelf aan toe bent, niet met iemand die je niet kent, niet tegen de zin van de andere of tegen je eigen zijn, altijd beschermd met condoom.

Veel ouders vinden het moeilijk om te bepalen wanneer zij met hun kind over seks moeten gaan praten. Ze willen niet te vroeg al gaan praten met hun kind over dingen waar het nog niet aan toe is. Toch geldt hierbij, liever te vroeg dan te laat. Vooral ook omdat het eerder verkrijgen van informatie niet betekent dat het kind ook eerder zal gaan handelen. Helaas zorgt het hebben verkregen van informatie niet altijd dat de jongere geen domme dingen doet.

Ouders hebben weinig invloed op wanneer de jongere voor het eerst seks heeft en of dit binnen een relatie gebeurt of met een los contact. Maar ouders kunnen wel invloed uitoefenen op het wel of niet gebruiken van voorbehoedmiddelen. Door informatie te verstrekken maar ook door bijvoorbeeld condooms neer te zetten op een plek waar de jongere gemakkelijk bij kan (waarbij een jongere gemakkelijker een condoom zal pakken uit een grotere doos die al open is dan uit een gesloten doosje met maar een paar condooms. Het liefste wil de jongere dat de ouders niet in de gaten hebben dat er een condoom gepakt is). En, heel belangrijk, ouders kunnen hun kinderen wel leren dat zij altijd een eigen keuze hebben. Wanneer hier de kans voor is is het ook goed om als ouder te vertellen dat vrijen ook iets is dat je moet leren en dat de eerste keer vaak tegenvalt. Het kan een hoop twijfels en verwarring voorkomen wanneer een jongere weet dat veel jongeren die eerste keer helemaal niet als zo prettig ervaren.

Heel belangrijk is dat ouders hun kind laten weten dat ze altijd bij hun terecht kunnen ook (vooral ook) wanneer er iets mis gegaan is of de jongere iets gedaan heeft waar hij of zij spijt van heeft. Het verbieden van seksueel contact is dan ook over het algemeen af te raden. Ten eerste is zo'n verbod geen garantie dat het niet gebeurt. En ten tweede kan het er voor zorgen dat de jongere niet meer praat over wat hij of zijn doet en de ouders dus helemaal het zicht hierop kwijtraken. Ook met zaken die niet verlopen zijn zoals de jongere had gewilde zal hij of zij dan niet met de ouders willen/ durven bespreken.
Daarbij kan een jongere zich ook schuldig gaan voelen over zijn of haar eigen seksuele ontwikkeling. De jongere heeft een behoefte die de ouders afkeuren, dit kan een puber erg onzeker maken en voor schuldgevoel zorgen.

Maar niet iedere ouder slaagt er in over dit onderwerp te praten met het eigen kind. Dit kan voortkomen uit schaamte bij de ouders of bij het kind. Maar het kan ook zo zijn dat de omstandigheden het moeilijk maken, bijvoorbeeld in een één-ouder gezin waarbij moeder toch het gevoel heeft haar zoon onvoldoende te kunnen voorlichten. Wanneer ouders om wat voor reden dan ook niet met hun kind kunnen praten over hun seksuele ontwikkeling, is het goed wanneer de ouders het kind stimuleren iemand anders te vinden om over dit onderwerp te praten, iemand die het kind op de juiste manier kan informeren en bij wie de jongeren zich vertrouwd voelt. Of de ouders kunnen het kind wijzen op de kindertelefoon (http://www.kindertelefoon.nl/) , of de informatielijn van de NVSH (http://www.nvsh.nl/hulp/index.htm)
Maar ook een goed boek over dit onderwerp kan als goede steun fungeren bij het bespreken van dit onderwerp.

Praten, niet altijd gemakkelijk, wel nodig

Voor de ene ouder zal het geen enkel probleem zijn om over seksualiteit te praten met het eigen kind, terwijl de andere ouder er zeer tegen op kan zien. Ook jongeren kunnen het erg moeilijk vinden om met hun ouders over dit gevoelige onderwerp te praten. Hierdoor kunnen deze gesprekken erg stroef en krampachtig worden. Vooral wanneer de ouders er echt met hun kind voor gaan zitten kan dit een zeer gespannen gesprek opleveren. Vaak werkt het dan ook beter om terloops informatie te geven, op momenten dat dit toevallig lijkt te passen bij de situatie. Stukje voor stukje kunnen ouder zo hun kind de informatie geven die zij graag willen dat hun kind ontvangt.
Want ook nu, in een maatschappij waar seksualiteit redelijk open aanwezig is (in reclames, op tv, in tijdschriften etcetera), hebben jongeren nog steeds behoefte aan informatie en een luisterend oor. En ook al lijkt dat niet altijd zo, de meeste pubers vinden die toch het liefst bij de ouders.


Heeft u naar aanleiding van dit artikel vragen of wilt u een persoonlijk advies, dan kunt u hier terecht: Vraag per e-mail of advies aan huis



cs-gy-3d-234x16


Literatuur
Akkerman,A. Blokland, G., Hagens, H. en Kleverlaan,N. (1999) Wat nou.... Pubers, Hoofstuk 6. NIZW uitgeverij
Akkerman, A. (2000) In de puberteit, Opvoedingsreeks Stichting Jeugdinformatie Nederland
Baeten, M. (2000) Seksuele opvoeding, Opvoedingsreeks Stichting Jeugdinformatie Nederland
Ploeg, J. van der (1998) Had me dat eerder verteld. Hoofdstuk 10, SWP, Utrecht

Praten over seksualiteit is iets dat zowel ouders al pubers over het algemeen liever maar vermijden. Toch is het wel een belangrijk onderwerp.
Auteursrechten nadrukkelijk voorbehouden