Huilbaby | Als het huilen niet stopt

Huilen hoort bij een baby. Maar sommige baby's huilen wel heel erg veel. We spreken dan van een 'huilbaby'. Het verzorgen van een baby die veel huilt kan veel van de ouders vragen.

Als het huilen niet stopt

drs. T. de Vos- van der Hoeven - maart 2003

Baby's huilen, het is hun enige manier van communiceren wanneer er geen direct oogcontact is. In eerste instantie huilt een kind onbewust, het is gewoon een lichamelijke reactie op ongemak. Maar al snel leert een baby dat het met huilen kan communiceren en gaat het bewust huilen. Het huilen neemt de eerste zes weken meestal toe en neemt na de zesde week weer langzaam af. Zo'n twee uur per dag huilen is normaal.

Maar sommige baby's huilen veel meer. Een op de tien en volgens sommige deskundigen zelfs een op de vijf baby's huilen meer dan drie uur per dag. Officieel wordt er gesproken van een huilbaby wanneer een baby meer dan drie uur per dag huilt vaker dan drie keer in de week en langer dan drie weken achter elkaar. Maar of een kind wat veel huilt nou wel of niet officieel een huilbaby is is eigenlijk van weinig belang voor de ouders. Het huilen is er niet anders om.

Toch kan het wel goed zijn om te noteren hoeveel een baby huilt, wanneer het gevoel ontstaat dat hij of zij wel erg veel huilt. Dit geeft namelijk inzicht in hoeveel het kindje huilt en of er een patroon inzit. Soms komen de ouders op basis van de huilschema tot de conclusie dat het huilen toch wel mee valt. Maar soms ook kan op basis van het huilschema vast gesteld worden dat de baby inderdaad veel huilt. Het schema kan dan gebruikt worden om anderen (huisarts, consultatiebureau, partner) inzicht te geven in het huilen van de baby. En het geeft de moeder ook inzicht in het patroon van het huilen zodat ze er rekening mee kan houden op welke uren van de dag het kindje veel huilt.Vaak neemt het huilen na drie maanden af, maar sommige baby's blijven huilen tot ze een half jaar zijn

Waarom huilt een baby ?

Er zijn vele redenen waarom een baby kan huilen. Soms is vrij makkelijk vast te stellen waarom een baby huilt. Maar bij huilbaby's is dit vaak moeilijker. Het huilen leidt vaak tot grote zorgen en onzekerheid bij de ouders. Wanneer ouders zich zorgen maken is het dan ook altijd goed om het kindje te laten onderzoeken om uit te sluiten dat er een lichamelijke oorzaak is voor het huilen. Zo kan er bijvoorbeeld een allergie test gedaan worden.

Darmkrampjes kunnen voor veel huilen zorgen. Het kindje huilt dan met de beentjes gestrekt of trapt met de beentjes. De eerste weken kunnen darmkrampjes voorkomen wanneer de darmpjes van het kindje nog niet voldoende goed werken. Maar de baby kan ook reageren op de voeding. Wanneer een baby borstvoeding krijgt kan uitgezocht worden welke voeding van de moeder de klachten veroorzaken. En bij flesvoeding kunnen verschillende voedingen geprobeerd worden. Sommige baby's krijgen ook te veel lucht binnen bij het drinken waardoor ze krampjes krijgen. Bij flesgevoede baby's kan een andere speen dan soms helpen en borstgevoede baby's hebben er soms baat bij wanneer de moeder het eerste beetje melk laat weglopen zodat de druk wat van de borst af is.
Maar meestal is er geen directe lichamelijke oorzaak te vinden. En soms is er zelfs helemaal geen reden voor het huilen te vinden, het kindje huilt gewoon veel.

Sommige baby's huilen omdat ze moeten wennen aan het leven buiten de buik van hun moeder. Vanuit een warme, rumoerige wereld met zeer beperkte bewegingsruimte komen ze terecht in een wereld met veel ruimte om zich heen waar het koud kan zijn en soms ook heel stil. Sommige baby's hebben veel moeite met deze stilte en ruimte om zich heen. Deze baby's willen graag vast gehouden worden en dicht bij hun moeder zijn.

Honger kan ook een belangrijke rol spelen bij het huilen. Helaas is dit minder makkelijk op te lossen dan het klinkt. Het probleem is vaak niet opgelost met gewoon wat extra voeding. Een groep baby's krijgt wel genoeg voeding binnen, maar voelt zich er niet door verzadigd. Een voeding voor hongerige baby's kan dan goed zijn. Andere baby's krijgen niet genoeg voeding binnen omdat ze op de helft van de voeding al in slaap vallen of de kracht nog niet hebben voldoende te drinken. Dit laatste zien we vaak bij baby's met een laag geboorte gewicht.
Maar soms ook lijkt het kindje honger te hebben maar wanneer het dan aangelegd wordt begint de baby na een paar slokjes alleen nog te sabbelen en niet meer echt te drinken. Jonge baby's kunnen een enorme sabbelbehoefte hebben. Een fopspeen kan dan uitkomst brengen, vooral omdat vaak aan de borst liggen weer voor darmkrampjes kan zorgen omdat het kindje te veel binnen krijgt.

Bij andere baby's neemt het huilen sterk toe rond de tijd dat het kind een volgende stap in de ontwikkeling maakt. Dit is zeer spannend en ook vermoeiend voor een kind. Hierdoor kan het huilen in sommige periodes flink toe nemen. Wanneer het kindje het nieuw verworvene wat onder de knie heeft, neemt het huilen weer af. De ouders kunnen het kindje helpen door het te stimuleren gebruik te maken van deze nieuwe mogelijkheden.
Sommige baby's huilen ook uit verveling. Deze kindjes worden graag rond gedragen zodat ze alles kunnen zien, willen graag bezig gehouden worden en zijn niet graag alleen. Deze baby's hebben een behoefte aan veel prikkels. Bij deze groep kinderen neemt het huilen af naarmate het kindje meer kan.

Maar een andere groep baby's huilen juist uit een behoefte aan rust en regelmaat. Zij zijn heel gevoelig voor prikkels en hebben baat bij veel rust. Het kan soms moeilijk zijn als ouder om te weten of je kindje nou juist behoefte heeft aan veel rust of juist aan wat meer stimulatie. De enige manier om dit te ontdekken is toch heel goed naar het kindje kijken en zien waarop het positief en negatief reageert.
Het huilen is in een aantal gevallen ook een manier om het gebeurde van die dag te verwerken. Vaak is er in dat geval sprake van een huiluurtje en is het het beste het kindje te laten huilen. Dit hoeft zeker niet alleen, maar kan gewoon dicht tegen de ouders aan.

Regelmatig ontstaat er bij baby's die veel huilen ook een wisselwerking tussen de ouders en het kind. De ouders raken vermoeid en onzeker van het huilen van hun kind. De baby voelt aan dat de ouders niet goed in hun vel zitten en reageert hier weer op met meer huilen. Het kan heel moeilijk zijn dit patroon te doorbreken.

Troosten

Er zijn verschillende manieren om een jonge baby te troosten mogelijk.
In de eerste plaats is het belangrijk het kind te leren kennen door goed te kijken wat de baby doet op de momenten dat hij of zij niet huilt. Door te kijken wat het kindje boeit (stem, gezichten trekken, rondlopen etcetera) en door hetgeen waar het kindje naar kijkt te benoemen kan er contact gemaakt worden. Belangrijk hierbij is de reacties van de baby goed in de gaten te houden. Een kindje wat weg kijkt geeft aan rust te willen.

Veel baby's hebben een sterke behoefte bij de ouders te zijn, ook 's nachts. Zolang de ouders zich hier prettig bij voelen, kan dit een goede manier zijn een baby te troosten. Overdag in een draagzak geeft de ouders dan nog wat bewegingsvrijheid. En 's nachts in bed bij de ouders of in een bedje naast de ouders al naar gelang wat de ouders het prettigst vinden.
Soms kunnen ritmische bewegingen ook kalmerend werken. Op schoot of op de arm bij de ouders, maar vaak ook rijdend in de wagen komen veel huilende baby's tot rust. Wanneer een baby op deze manier tot rust komt is er dan ook niets op tegen om rondjes te rijden met de wagen in de kamer.
Baby's kalmeren vaak ook van een massage of in bad.

Sommige baby's houden zichzelf ook wakker met hun eigen onrust en raken hierdoor oververmoeid wat leidt tot nog meer huilen en nog meer onrust. Deze baby's zijn er soms bij gebaat om ingebakerd te worden, zodat zij de rust krijgen die zij zichzelf nog niet kunnen geven. Inbakeren is overigens iets wat altijd in overleg met een deskundige (consultatiebureau-arts, wijkverpleegkundige etcetera) moet gebeuren omdat inbakeren niet voor ieder kind geschikt is en soms zelfs schadelijk kan zijn. Soms ook is een hangmatje of het bedje heel kort opgemaakt al voldoende om het kind wat in te perken in zijn of haar bewegingsvrijheid.

Vaak werkt een combinatie van verschillende methodes om te troosten het beste. Bijvoorbeeld ritmische bewegingen, afleiding door een liedje en rondlopen zodat het kindje wat kan zien. Het is goed om een aantal dagen dezelfde methode toe te passen voordat wordt overgegaan op een nieuwe methode om te troosten. Het kindje moet de kans krijgen om te wennen aan deze manier van troosten.

Bij veel thuiszorgorganisaties kan een zogenaamde "troostkoffer" geleend worden. In deze koffer zitten videobanden en hulpmiddelen (draagzak, badstoeltje etcetera) om een kindje te troosten. De ouders kunnen met behulp van deze koffer uitproberen waar hun kind goed op reageert en waarop niet. Hierdoor hoeven de ouders alleen die hulpmiddelen aan te schaffen die ook werkelijk helpen bij hun kind.

Als het huilen door gaat

Maar een groep kinderen die veel huilen, laten zich niet echt troosten. Of ze laten zich wel troosten, maar dit troosten vraagt enorm veel van de ouders. Het is belangrijk om als ouder jezelf niet uit het oog te verliezen, hoe moeilijk dit ook is.
Het belangrijkste voor ouders van een baby die veel huilt is dat zij zich realiseren dat het huilen niet hun schuld is. Het beste is het om het huilen te accepteren als iets wat op dit moment bij deze baby hoort en manieren te vinden om met het huilen om te gaan.

Dit kan door als ouders onderling duidelijke afspraken te maken en een verdeling te maken in de zorg. Door 's nachts bijvoorbeeld wisseldiensten te draaien zodat beide ouders toch wat kunnen slapen. En wanneer het huilen erg extreem is kan het soms goed zijn de zorg toch eens een nachtje aan iemand anders over te laten om even te kunnen slapen. Dit kan heel moeilijk zijn, in de eerste plaats om je kindje uit handen te geven, maar ook om iemand anders te belasten. Maar een baby heeft ook niets aan overspannen ouders en een nacht is meestal best op te brengen door een 'buitenstaander'.
Vaak helpt praten over het probleem al enigszins grip te krijgen op de situatie. Het is belangrijk als ouders te blijven praten over het huilen, maar soms is het ook goed om ook met anderen (moeder, vriendin, huisarts) te praten over het huilen.

In de schaarse momenten van rust is het goed om als ouder ook rust te nemen. De verleiding is groot voor ouders om in deze momenten van rust alles te gaan doen wat is blijven liggen. Maar uiteindelijk zijn zowel de ouders als het kind meer gebaat bij enigszins uitgeruste ouders dan bij een net opgeruimd huis.

Van groot belang is het dat de ouders luisteren naar hun gevoel en hun gevoel ook durven volgen. De ouders kennen hun baby het beste en weten het beste wat wel en niet werkt. Wanneer de ouders het kind liever niet laten huilen, moeten zij dit niet doen. Net zo goed als voortdurend met het kind rondlopen wanneer het huilt, niet hoeft wanneer dit niet bij het gevoel van de ouders past
Hierop aansluitend is het ook goed wanneer de ouders de hulp aannemen die ze graag willen (huis schoon maken, even weg zonder baby etcetera), maar de hulp die ze niet willen ook durven weigeren (even weg zonder baby etcetera).

Hoe moeilijk dit ook kan zijn, het is voor ouders van een kind wat veel huilt goed om te proberen het gewone leven ook weer op te pakken. Wanneer de ouders sporten, uit gingen etcetera voor de geboorte van hun kind, is het goed wanneer ze dit weer proberen op te pakken na enige tijd. Dit helpt bij het vinden van een ritme en geeft de ouders de mogelijkheid even te ontladen en ontspannen.

Hulp zoeken

Wanneer de ouders het gevoel hebben de situatie niet meer aan te kunnen of wanneer de ouders oververmoeid raken is het goed hulp te zoeken. De huisarts of consultatiebureau-arts kunnen zelf hulp bieden of een doorverwijzing geven. Soms biedt videohometraining uitkomst, doordat de ouders inzicht krijgen in het huilen en gedrag van hun kind en de eigen reactie hierop. Ook bestaan er cursussen voor ouders van huilbaby's waarin de ouders tips krijgen en in contact komen met 'lotgenoten'.
Met deze hulp kunnen de ouders en het kind samen door de huilperiode heen komen.




cs-gy-3d-234x16



Informatie voor dit artikel:
Hetherington, E.M. & Parke R.P. (1986) Childpsychology, a contemporary viewpoint. Hoofdstuk 5.McGraw Hill International Editions.
Ploeg, J. van der (1998) Had me dat eerder verteld. Hoofdstuk 5, SWP, Utrecht.
Blokland, G. (1997), Baby's die huilen, huilen en huilen.... Opvoedingsreeks Stichting Jeugdinformatie

Huilen hoort bij een baby. Maar sommige baby's huilen wel heel erg veel. We spreken dan van een 'huilbaby'. Het verzorgen van een baby die veel huilt kan veel van de ouders vragen.
Auteursrechten nadrukkelijk voorbehouden