Veilig in het verkeer

Veilig aan het verkeer kunnen deelnemen, vraagt om meer dan alleen kennis van de verkeersregels. Jonge kinderen hebben nog te weinig inzicht in het verkeer om op een veilige manier op de fiets op pad te gaan zonder ouders.
Veilig in het verkeer

Drs. Tamar de Vos - van der Hoeven - september 2013

Nu de scholen weer begonnen zijn, gaan vele kinderen op de fiets naar school. Flink wat ouders vragen zich af vanaf welke leeftijd een kind er aan toe is alleen naar school, vriendjes of een sport of club te fietsen. Een vraag die eigenlijk niet te beantwoorden is met een bepaalde leeftijd, omdat dit nu eenmaal verschilt per kind en vooral ook per situatie. Woon je in een klein dorpje, waar een rustige weg zonder grote kruisingen in minder dan een kilometer naar school leidt, dan zal je je kind eerder zelf naar school durven laten fietsen dan wanneer je kind een paar kilometer moet fietsen door het drukke centrum van een grote stad.
verkeersbord verkeersles
Maar ook op dat rustige weggetje kan je als ouder het gevoel hebben dat je kind er nog niet aan toe is om zelfstandig te fietsen, bijvoorbeeld omdat hij een dromer is, nog onvoldoende overzicht heeft in het verkeer of simpelweg nog moeite heeft met één van de basisvaardigheden van het fietsen, zoals het uitsteken van de hand bij het afslaan of het recht blijven fietsen terwijl het tegelijkertijd op de verkeerssituatie moet letten.

Het ene kind vindt het nu eenmaal makkelijker om deel te nemen aan het verkeer dan het andere. Het karakter kan hier een rol bij spelen, maar uiteraard heeft ook ervaring een belangrijke invloed. Stap je regelmatig toch maar even in de auto naar school, dan kan je kind minder ervaring opdoen met het fietsen. Logisch dat je kind dan wat meer tijd nodig heeft om vertrouwd te raken in het verkeer. Want om veilig aan het verkeer te kunnen deelnemen is vooral veel oefenen van groot belang.

Bijna alle kinderen krijgen op de basisschool verkeerslessen. Deze verkeerslessen horen afgesloten te worden met zowel een theoretisch examen als een praktijkexamen. Helaas komt steeds vaker het praktijkexamen te vervallen. Helaas, omdat enkel de theorie kennen echt niet voldoende is om op een veilige manier te kunnen deelnemen aan het verkeer. De theorie biedt een goede basis, maar veilig fietsen bestaat vooral uit het goed leren inschatten van de verkeerssituaties. En dat lukt alleen door vaak deel te nemen aan het verkeer, samen met iemand die je kan helpen en begeleiden.

De eerste periode dat je kind deel gaat nemen aan het verkeer zal het dit vooral lopend of achterop de fiets doen. Lopend op de stoep heb je misschien niet het gevoel echt deel te nemen aan het verkeer, maar er is al een hoop dat je je kind kan leren. Zo kun je praten over waarom je op de stoep moet lopen, waarom je altijd moet stoppen wanneer de stoep eindigt, dat je eerst links en rechts moet kijken voordat je oversteekt en heel belangrijk, waarom je kind altijd goed naar je moet luisteren wanneer je samen buiten loopt (en later fietst). Wanneer je kind niet goed luistert, kan je niet op een veilige manier op straat lopen en dus straks ook niet veilig samen fietsen.
Leren fietsen
Wanneer je kind eenmaal de kleuterleeftijd bereikt kun je het ook gaan hebben over de regels in het verkeer en wat de verkeersborden die jullie tegenkomen betekenen. Ook in de auto geef je het goede voorbeeld, door je netjes aan de verkeersregels te houden, niet te haasten en rekening te houden met het andere verkeer. Maar probeer zo vaak mogelijk de fiets te nemen, omdat kinderen achter op de fiets zich veel bewuster zijn van het verkeer om zich heen dan in de auto.
De meeste kinderen kunnen zo rond de vier/ vijf jaar leren fietsen zonder zijwieltjes. De verleiding kan groot zijn om je kind dan meteen zelf te laten fietsen naar school, maar een kind dat net heeft leren fietsen is hier vaak nog niet aan toe. Pas wanneer je kind kan fietsen, achterom kijken en hand uitsteken (en dus het stuur los laten) zonder te slingeren, abrupt kan remmen zonder om te vallen en op een goede manier kan opstappen en afstappen kan het deel gaan nemen aan het verkeer. Uiteraard betekent dat niet dat je niet fietst met je kind, maar eerst alleen op rustige plekken, zoals op een woonerf, in het park, het bos etcetera.
Te snel het verkeer in gaan kan zorgen voor ongelukken, maar kan ook wanneer er gelukkig geen ongelukken gebeuren, je kind onzeker maken.

De aanschaf van een fiets is een grote uitgave en vaak willen ouders dan ook graag een fiets op de groei kopen. Maar over het algemeen is dit af te raden. Wanneer je kind maar met moeite kan op- en afstappen, kan dit gevaarlijke situaties opleveren of hem/ haar onzeker maken. Het is belangrijk voor de veiligheid en het zelfvertrouwen, dat het kind te allen tijde tenminste één voet op de grond kan plaatsen, zittend op de fiets. Door een tweedehands fiets aan te schaffen kan je je kind een fiets geven die goed op maat is en toch niet te duur.

Wanneer je zoon of dochter eenmaal het fietsen goed onder de knie heeft, wordt het tijd om het verkeer in te gaan. Want van enkel fietsen in een veilige, rustige omgeving, leert hij/zij natuurlijk wel goed fietsen, maar niet goed omgaan met het verkeer.
Uiteraard start je wel rustig, met een eenvoudige, rustige en veilige route op een moment dat je de tijd hebt. 's Ochtends gehaast naar school fietsend, is niet het meest ideale moment om het fietsen in het verkeer te oefenen.
Liever dan toch nog maar even achterop en 's middags samen rustig de route naar school eens oefenen.
Veilig samen fiesten
Begin met je kind naast je (fiets links van je kind zodat je het afschermt van het autoverkeer) en fiets dezelfde route meerdere keren. Kies hierbij steeds voor de veiligste route, ook al is die misschien wat langer. Geef in het begin aanwijzingen en help je kind het verkeer in te schatten en te overzien. Verwoord steeds wat je doet: "Kijk, hier moeten we stoppen, want deze kruising is moeilijk te overzien", "Let op, hier zit een weg van rechts, de mensen die uit die weg komen hebben voorrang" , "Die auto wil ons inhalen, laten we even achter elkaar gaan fietsen." etcetera. Maak je kind goed bewust van het overige verkeer. Een heel belangrijke regel hierbij is "nooit naast een bus of vrachtwagen gaan staan, altijd er achter blijven."
Zo herhaal je al doende de regels. Bespreek ook steeds weer dat niet iedereen zich in het verkeer aan deze regels houdt en dat je daar altijd rekening mee moet houden. Ook al kom je van rechts, het kan best dat die auto niet stopt. Voorrang krijg je, die moet je niet nemen.

Langzaam aan kan je steeds meer aan je kind zelf overlaten en laat je hem/ haar steeds meer zelf bepalen (wanneer te wachten, wanneer over te steken, wanneer te remmen en waar rechts of links te kijken). Wanneer je als ouder het gevoel hebt dat je kind er aan toe is alleen deel te gaan nemen aan het verkeer, kan het goed zijn de eerste paar keer nog achter het kind te fietsen om te zien of alles goed gaat.
Zo heeft je kind alle tijd om te wennen aan het verkeer en zelfvertrouwen op te bouwen en heb jij als ouder de kans om te kijken hoe het gaat. Want hoe goed je kind ook kan fietsen, de verkeersregels kent en voorbereid is, echt deelnemen aan het verkeer valt toch vaak tegen.

Jonge kinderen kunnen het verkeer letterlijk en figuurlijk nog niet goed overzien. Letterlijk, omdat ze op hun kleine fiets laag zitten en veel minder om of over obstakels zoals auto's, heggen, muurtjes etcetera heen kunnen kijken. Figuurlijk, omdat er enorm veel tegelijk gebeurt op straat en jonge kinderen het nog erg moeilijk vinden in te schatten hoe hard het overige verkeer rijdt en welke kant het op zal gaan. De reactietijd van jonge kinderen ligt ook hoger. Bij hen zit er gewoon meer tijd tussen het zien van een auto en het afremmen. Snel een beslissing nemen is ook moeilijk in een wat onoverzichtelijke verkeerssituatie.
Daarbij hebben ze ook te weinig overzicht op het verkeer. Wanneer ze die auto van rechts wel hebben gezien, is de kans groot dat ze die fietser die van de andere kant komt over het hoofd zien. Jonge kinderen kijken voornamelijk in de richting waar ze naar toe gaan en vinden het nog moeilijk hun aandacht te verdelen over alle verschillende onderdelen van het verkeer. Ze zijn ook nog gemakkelijk afgeleid.

Over het algemeen kan gesteld worden dat kinderen onder de negen nog te weinig inzicht in het verkeer hebben om hier in hun eentje op een veilige manier aan deel te nemen. Er zijn kinderen die hier al jonger aan toe zijn, maar er zijn even zoveel kinderen die op hun negende nog niet in staat zijn zelfstandig aan het verkeer deel te nemen. Eigenlijk zijn kinderen vanaf ongeveer 12 jaar pas echt in staat ook meer ingewikkelde verkeerssituaties goed in te schatten. Vanaf dat moment moeten ze ook steeds meer gaan deelnemen aan het verkeer, omdat ze vaak grotere stukken moeten gaan fietsen over nog onbekende routes, naar het middelbaar onderwijs. Het is belangrijk dat ze zich dan helemaal vertrouwd voelen in het verkeer. Laat je kind dus niet te vroeg alleen deel nemen aan het verkeer, maar wacht ook niet te lang met het vertrouwen te geven dat je zoon/ dochter het alleen kan.





Heeft u naar aanleiding van dit artikel vragen of wilt u een persoonlijk advies, dan kunt u hier terecht: Stel uw vraag of advies aan huis







cs-gy-3d-234x16



Veilig aan het verkeer kunnen deelnemen, vraagt om meer dan alleen kennis van de verkeersregels. Jonge kinderen hebben nog te weinig inzicht in het verkeer om op een veilige manier op de fiets op pad te gaan zonder ouders.
Auteursrechten nadrukkelijk voorbehouden